Wat staat er in de voortgangsrapportage Langer Thuis?

Wat staat er in de voortgangsrapportage Langer Thuis?

Eind juni 2019 bracht minister de Jonge van VWS zijn voortgangsbief Langer Thuis uit. Langer Thuis is 1 van de programma’s die de minister heeft ingezet na zijn aantreden. Alzheimer Nederland vindt het belangrijk dat ook beleid voor mensen met dementie worden meegenomen in de plannen. Wat staat er in deze brief? Wij hebben het voor jou op een rijtje gezet.

Ruim één jaar geleden lanceerde minister de Jonge van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) het programma Langer Thuis. Afgelopen week zijn de eerste resultaten gepresenteerd. Meer mensen maken gebruik van de specialist ouderengeneeskunde, er zijn inmiddels ruim 200.000 dementievrienden en de pilots voor betere dementiezorg lopen voortvarend. De minister gaat samen met Alzheimer Nederland in kaart brengen hoe het leven van thuiswonende mensen met dementie kan worden verbeterd, en hoe zij langer mee kunnen blijven doen aan de samenleving.

De pilots voor betere dementiezorg zijn gestart in de gemeenten Amstelveen, Amsterdam, Rotterdam en Den Bosch. Deze pilots van Anne-Mei The zijn gericht op de versterking van de sociale benadering van mensen met dementie. Hieruit blijkt dat er nog veel verbetering mogelijk is. De vraag van mensen met dementie en hun naasten sluit onvoldoende aan bij het aanbod in de wijk. Er is behoefte aan andere soort hulp, meer diversiteit in de dagbesteding en meer hulp in de laatste fase van dementie bij rouw en verlies. Alzheimer Nederland en de vier regionale afdelingen zijn nauw betrokken bij de uitvoering van deze experimenten. De minister wil dat de pilots er echt toe leiden dat de dementiezorg in Nederland beter wordt.

DementieNet wordt uitgelicht als goede voorbeeld van samenwerking tussen wijkverpleegkundigen, huisartsen en welzijnswerken voor ouderen met dementie. In Enschede, Gemert, Nijmegen, Wijchen en Berg en Dal werken deze professionals nauw samen met specialisten ouderengeneeskunde en casemanagers dementie om de juiste zorg te regelen. Deze samenwerking zorgt er bovendien voor dementie in een veel vroeger stadium wordt gesignaleerd. Alzheimer Nederland heeft het onderzoek naar DementieNet de eerste vier jaar gesteund.

Tot slot: minister De Jonge organiseert in het najaar samen met Alzheimer Nederland een bijeenkomst met de werkgroep Langer Thuis. Hiermee worden de bevindingen en aanbevelingen zoals verwoord in het rapport ‘Borg de Zorg’ van de Nationale Ombudsman betrokken bij de verdere uitwerking van het programma Langer Thuis.

Onze conclusie is dat dementie goed op de agenda staat en samen met het ministerie gaan voor verdere uitbouw.